Leren blijft populair, maar miljoenen volwassenen missen nog steeds de boot

ยท
Luister naar dit artikel~3 min

Al dertig jaar meten onderzoekers volwassenenleren. De belangstelling blijft groot, maar klasse, leeftijd en opleiding bepalen nog altijd wie de kans krijgt โ€“ en dat kost miljoenen lerenden.

Al dertig jaar meten onderzoekers hoeveel volwassenen in het Verenigd Koninkrijk deelnemen aan leren. De nieuwste cijfers zijn tegelijk bemoedigend en confronterend. Ongeveer 43% van de volwassenen heeft in de afgelopen drie jaar iets geleerd. In 1996 lag dat op 40%. Je leest het goed: nauwelijks beweging in drie decennia. Dat is geen toeval. Klasse, leeftijd en het niveau van je opleiding bepalen nog altijd of je wel of niet leert. En die verschillen zijn hardnekkig. ### Wie leert er eigenlijk โ€“ en wie niet? De Adult Participation in Learning Survey 2026, uitgevoerd door het Learning and Work Institute, laat zien hoe ongelijk het speelveld is. Elk jaar dat je ouder wordt, daalt de kans dat je aan leren begint met ongeveer 3%. 'Ik voel me te oud' is de meest genoemde drempel. De onderzoekers schatten dat er de afgelopen drie jaar drie miljoen meer werkende volwassenen hadden kunnen leren als de klassenverschillen waren weggewerkt. Drie miljoen mensen die nu aan de zijlijn staan. ### Waarom dit ons allemaal raakt De arbeidsmarkt verandert snel. Kunstmatige intelligentie, de energietransitie en demografische verschuivingen vragen om nieuwe vaardigheden, en vaker dan vroeger. Wie niet bijleert, raakt achterop. Tegelijk levert leren veel op. Maar liefst 91% van de huidige en recente lerenden noemt minstens รฉรฉn voordeel: betere kansen op werk, persoonlijke groei, meer zelfvertrouwen, gezondheid en sociale contacten. Geen wonder dat 86% verwacht binnen drie jaar weer te leren. ### Technologie veranderde alles, behalve de toegang Er is in dertig jaar veel verschoven. Na jaren van bezuinigingen en dalende investeringen door werkgevers zakte de deelname in 2019 naar een dieptepunt van 33%. Daarna kwam de omslag: leren gebeurde steeds vaker online en vanuit persoonlijke interesse. In 2024 piekte de deelname op 52%, om in 2026 te stabiliseren op 43%. Vrijetijdsleren is nu goed voor bijna de helft van alle lerenden (46%), tegenover 20% in 2019. En online is de norm geworden: 48% van de volwassen lerenden volgt het hele traject online. > "De belangstelling van volwassenen voor leren is onverminderd groot, en technologie heeft nieuwe wegen geopend. Maar bezuinigingen door werkgevers en overheden hebben de mogelijkheden om door te leren en kwalificaties te halen, afgesneden." โ€“ Stephen Evans, directeur van het Learning and Work Institute ### Wat we hiervan kunnen leren De les uit dertig jaar onderzoek is duidelijk. Mensen willen best leren. Ze vinden er zelfs nieuwe manieren voor. Maar of je de kans krijgt, hangt nog te vaak af van je achtergrond, je leeftijd en wanneer je van school ging. Voor iedereen die werkt in sociaal-culturele vorming en volwassenenonderwijs biedt dit een concrete opdracht. Online cursussen verlagen drempels, maar bereiken niet automatisch de mensen die het meest zouden profiteren. Juist daar ligt ruimte om het verschil te maken: laagdrempelig aanbod, persoonlijke begeleiding en aandacht voor wie zich 'te oud' voelt om te beginnen. Leren is geen luxe meer. Het is een basisvoorwaarde om mee te blijven doen. En dat zou voor iedereen bereikbaar moeten zijn.